Het vaststellen van dementie is een ingewikkeld proces met verschillende stappen. Meestal doet een neuroloog, geriater of een specialist in ouderengeneeskunde dit. Maar soms kan ook de huisarts een diagnose stellen.
Het is belangrijk om familieleden of verzorgers te betrekken bij het stellen van de diagnose. Als dementie vroeg wordt vastgesteld, kan dit helpen bij het vinden van de oorzaak van de ziekte en het starten van de juiste behandeling en zorg. Een vroege diagnose kan de levenskwaliteit verbeteren en de impact van de ziekte op de betrokkenen verminderen. Het op tijd ontdekken van dementie kan aanzienlijk verschil maken in het omgaan met de ziekte en het bevorderen van het welzijn van de persoon met dementie en de mensen om hen heen.
Wat zijn de voordelen van vroege diagnose dementie?
- Het uitsluiten van andere oorzaken zoals depressie, schildklierafwijkingen of vitaminetekorten;
- Het inzetten van vroegtijdige behandeling en interventies wat symptomen kan vertragen of verbeteren;
- De mogelijkheid om passende zorg of begeleiding aan te bieden, dit helpt naasten om meer begrip te hebben waardoor zij betere ondersteuning aan kunnen bieden;
- De diagnose kan een geruststelling zijn, het kan ook helpen bij voorbereiding naar de toekomst;
- De mogelijkheid om tijdig financiële en juridische zaken te regelen, denk hierbij aan een wilsverklaring of levenstestament.
Hoe wordt een diagnose dementie gesteld?
De arts begint meestal met het verzamelen van de medische geschiedenis, inclusief informatie over de klachten en hoe ze zijn veranderd. Er wordt een lichamelijk onderzoek gedaan om mogelijke oorzaken en symptomen uit te sluiten. De arts voert een neurologisch onderzoek uit om het denkvermogen, reflexen, coördinatie en zenuwfuncties te beoordelen. Natuurlijk wordt er ook een test uitgevoerd om de denkvaardigheden en het geheugen te evalueren. Het is belangrijk om te begrijpen hoe de klachten het dagelijks leven beïnvloeden, dus naasten kunnen hierover worden geïnterviewd. Als de dokter het nodig vindt, kan een MRI- of CT-scan worden gemaakt om eventuele afwijkingen in de hersenen te zien en andere mogelijke oorzaken uit te sluiten. Bloedonderzoek kan helpen om andere medische problemen uit te sluiten die ook de klachten van dementie kunnen veroorzaken.
Nadat de diagnose dementie is gesteld, kan de arts de cliënt volgen om de behandeling tijdens het dementieproces indien nodig aan te passen. Vaak zal de dokter verwijzen naar een casemanager dementie. Deze persoon is gespecialiseerd in het begeleiden van mensen met dementie en hun naasten. De casemanager is een belangrijk aanspreekpunt en werkt samen met de cliënt met dementie, hun naasten en andere zorgverleners om ervoor te zorgen dat de ondersteuning goed afgestemd is op de behoeften van de persoon met dementie.
Second opinion diagnose dementie
Soms komt het voor dat een naaste twijfels heeft over de juiste diagnose. Dit betekent niet dat de naaste twijfelt aan de kwalificaties van de eerste zorgverlener. Als je overweegt om een second opinion te vragen, is het het beste om hierover met je huidige zorgverlener te praten en je zorgen en vragen openlijk te bespreken. De zorgverlener kan je helpen bij het proces van het verkrijgen van een second opinion en je doorverwijzen naar andere specialisten als dat nodig is.
Geschreven door: Professionals van De Wever
Projectmanager / Programmamanager DOT | Wetenschap-Innovatie – Onderzoek
Expertteam Dementie | De Wever in Tilburg